Restwaarde bedrijfsmiddel wijzigen
Stel: je hebt een bedrijfsmiddel aangemaakt zonder restwaarde, er is al een paar jaar op afgeschreven en nu wil je alsnog een restwaarde toevoegen of de restwaarde wijzigen. In dit artikel lees je waarom dat fiscaal niet altijd mag, en hoe je het in jortt verwerkt.
Restwaarde en gebruiksduur instellen
De Restwaarde is wat het bedrijfsmiddel aan het eind van de gebruiksduur naar verwachting nog waard is. Die schat je zelf: een vaste restwaarde van 10% is geen regel. Een laptop is na een paar jaar vaak niets meer waard, een bestelauto nog wel.
Je stelt de restwaarde en de gebruiksduur in bij het aanmaken van het bedrijfsmiddel. In het formulier Maak boeking aan met de soort Bedrijfsmiddel staat het blok Automatisch afschrijven. Standaard staat de Vermoedelijke gebruiksduur op 5 jaar en de Restwaarde op € 0,00. Klik op het blok om ze te wijzigen. Jortt schrijft dan elk jaar hetzelfde bedrag af, vanaf de maand van ingebruikname, tot de restwaarde is bereikt.
Jortt houdt zich daarbij aan deze grenzen:
| Regel | Wat jortt doet |
|---|---|
| Je schrijft per jaar hooguit 20% van de aanschafkosten af. | Een kortere gebruiksduur slaat jortt niet op. |
| De restwaarde is niet hoger dan de aanschafkosten. | Jortt geeft een melding. |
| Goodwill schrijf je af in minstens 10 jaar. | Jortt geeft een melding. |
| Op grond schrijf je niet af. | Bij de categorie Grond kun je niets invullen. |
Bij een gebouw schrijf je niet verder af dan de bodemwaarde: de WOZ-waarde. In de inkomstenbelasting geldt dat voor een pand in eigen gebruik sinds 2024; tot en met 2023 was de bodemwaarde 50% van de WOZ-waarde. De bodemwaarde geef je in jortt op als restwaarde. Lees meer in bedrijfspand op de balans en afschrijven.
Mag je de restwaarde wijzigen?
De Belastingdienst stelt dat je je boekhouding voert volgens goed koopmansgebruik. Dat betekent dat je je boekhouding op een algemeen geaccepteerde manier voert. Je administratie moet een getrouw beeld geven en passen bij het soort onderneming.
Onderdeel hiervan is een bestendige gedragslijn: heb je eenmaal een methode gekozen, dan pas je die in de volgende jaren ook toe. Alleen als goed koopmansgebruik dat rechtvaardigt, mag je van methode veranderen. Lees meer bij de Belastingdienst over goed koopmansgebruik.
Heb je bijvoorbeeld voor een bedrijfspand geen restwaarde ingevuld en dus afgeschreven over de volledige aanschafwaarde, dan doorbreek je die gedragslijn als je de restwaarde halverwege aanpast.
Gevolgen van het wijzigen van de restwaarde
Voeg je een restwaarde toe of verhoog je hem, dan wordt het bedrag waarover je afschrijft lager. De afschrijvingen worden lager en de boekwaarde van het bedrijfsmiddel blijft hoger.
Jortt berekent de afschrijvingen voor de hele gebruiksduur, vanaf de maand van ingebruikname. Wijzig je de restwaarde of de gebruiksduur, dan rekent jortt alle jaren opnieuw uit, ook de jaren die al voorbij zijn. Daarom kan het alleen zolang het jaar van aankoop of ingebruikname niet is afgesloten, en zolang er geen willekeurige afschrijving op het bedrijfsmiddel staat. Wil je de cijfers van eerdere jaren gelijk houden, gebruik dan de werkwijze zonder eerdere jaren te veranderen.
Restwaarde of gebruiksduur wijzigen
Is het aankoopjaar nog open en mogen de afschrijvingen van alle jaren opnieuw worden berekend, bijvoorbeeld omdat je het bedrijfsmiddel dit jaar hebt gekocht? Dan wijzig je het zo:
- Ga naar Rapporten en kies Bedrijfsmiddelen.
- Klik op het bedrijfsmiddel. Het paneel van het bedrijfsmiddel opent, met de tabel Afschrijvingen per jaar.
- Klik op . De boeking van het bedrijfsmiddel opent.
- Klik op het blok Automatisch afschrijven en wijzig de Vermoedelijke gebruiksduur (in hele jaren) of de Restwaarde.
- Klik op .
In de tabel Afschrijvingen per jaar zie je de nieuwe bedragen. Je komt ook bij het bedrijfsmiddel via de boeking: klik daar op Toon afschrijvingen (in een smal scherm onder Alle opties).
Krijg je de melding Je kunt dit bedrijfsmiddel niet wijzigen als er een willekeurige afschrijving is gedaan, verwijder dan eerst de willekeurige afschrijving: klik er bij Extra afschrijvingen op en verwijder hem. Kun je niets wijzigen omdat het item binnen een gesloten jaar valt, gebruik dan de werkwijze hieronder.
Restwaarde wijzigen zonder eerdere jaren te veranderen
Met deze werkwijze leg je de afschrijvingen van eerdere jaren vast, zodat die cijfers niet veranderen. Daarna schrijf je zelf af tot de nieuwe restwaarde.
- Heropen de afgesloten boekjaren vanaf het aankoopjaar. Ga naar Rapporten, kies Aangifte inkomstenbelasting (bij een bv Aangifte vennootschapsbelasting), kies het jaar en klik op Boekjaar voor aangifte IB heropenen (of VPB).
- Ga naar Rapporten, kies Bedrijfsmiddelen en klik op het bedrijfsmiddel.
- Noteer bij Afschrijvingen per jaar de bedragen van de jaren die al voorbij zijn.
- Klik op .
- Klik op het blok Automatisch afschrijven en haal het vinkje Automatisch afschrijven weg. Gebruiksduur en restwaarde kun je dan niet meer invullen; jortt zet de restwaarde op de aanschafkosten.
- Klik op . In het paneel van het bedrijfsmiddel staat nu Er wordt op dit bedrijfsmiddel niet automatisch afgeschreven.
- Klik op .
- Vul het Bedrag van het eerste jaar in, kies bij Maand afschrijving december van dat jaar en klik op .
- Herhaal stap 7 en 8 voor elk jaar dat al voorbij is.
- Sluit de heropende boekjaren weer af met Boekjaar voor aangifte IB afsluiten (of VPB).
De cijfers van eerdere jaren zijn nu hetzelfde als voorheen.
Voorbeeld: Koertt kocht in januari 2024 een bestelauto van € 30.000,00 excl. btw, met een gebruiksduur van 5 jaar en geen restwaarde. In 2024 en 2025 is er € 6.000,00 per jaar afgeschreven; de boekwaarde is € 18.000,00. Wil Koertt vanaf 2026 een restwaarde van € 6.000,00, dan voert hij voor 2024 en 2025 elk een willekeurige afschrijving van € 6.000,00 in. Daarna schrijft hij in 2026, 2027 en 2028 elk jaar € 4.000,00 af.
Afschrijvingen voor volgende boekjaren
Omdat Automatisch afschrijven uit staat, voeg je de afschrijving voor de komende jaren zelf toe, tot de nieuwe restwaarde is bereikt. Gebruik daarvoor elk jaar Voeg willekeurige afschrijving toe, bijvoorbeeld in december. Ook voor deze afschrijvingen geldt dat het fiscaal geen willekeurige afschrijving is.
Lees meer over bedrijfsmiddelen en afschrijven.
Veelgestelde vragen over de restwaarde van een bedrijfsmiddel wijzigen
Heb je een vraag? Wij hebben de antwoorden!
Waar stel ik de restwaarde en de gebruiksduur van een bedrijfsmiddel in?
Bij het aanmaken van het bedrijfsmiddel, in het blok Automatisch afschrijven van het formulier. Standaard staat de Vermoedelijke gebruiksduur op 5 jaar en de Restwaarde op € 0,00. Klik op het blok om ze te wijzigen.
Is een restwaarde van 10% verplicht?
Nee. Een vaste restwaarde van 10% is geen regel. De restwaarde is wat het bedrijfsmiddel aan het eind van de gebruiksduur naar verwachting nog waard is; die schat je zelf. Bij een gebouw schrijf je niet af onder de bodemwaarde, de WOZ-waarde.
Kan ik de restwaarde wijzigen als er al is afgeschreven?
Ja, via Rapporten, Bedrijfsmiddelen, het bedrijfsmiddel en Wijzig, zolang het aankoop- of ingebruiknamejaar niet is afgesloten en er geen willekeurige afschrijving op staat. Jortt rekent dan de afschrijvingen voor alle jaren opnieuw uit, ook voor jaren waarover je al aangifte hebt gedaan.
Hoe wijzig ik de restwaarde zonder dat eerdere jaren veranderen?
Heropen de boekjaren, noteer de afschrijvingen per jaar, zet bij Wijzig het vinkje Automatisch afschrijven uit en voeg per jaar een willekeurige afschrijving toe met hetzelfde bedrag. Sluit de jaren weer af en voeg daarna elk jaar zelf de afschrijving toe tot je de nieuwe restwaarde bereikt.
Mag ik de restwaarde van een bedrijfsmiddel fiscaal wijzigen?
Niet zomaar. Je boekhouding volgt goed koopmansgebruik, met een bestendige gedragslijn: een methode die je hebt gekozen, houd je vast. Alleen als goed koopmansgebruik dat rechtvaardigt, mag je veranderen. Twijfel je, overleg dan met je boekhouder of de Belastingdienst.