Jaarruimte en lijfrente: pensioen opbouwen als zzp’er
Een lijfrente is een product waarmee je spaart of belegt voor een aanvulling op je AOW, bij een verzekeraar, een bank of een beleggingsinstelling. De premie die je inlegt, mag je onder voorwaarden aftrekken van je inkomen. Hoeveel je mag aftrekken, bepaalt je jaarruimte. Die rekenen we hieronder stap voor stap uit, met de bedragen van 2026.
Is pensioen verplicht voor een zzp’er?
Nee, voor de meeste zzp’ers niet. Als werknemer bouw je vaak pensioen op via je werkgever. Als zzp’er heb je geen werkgever, dus dat pensioen regel je zelf, of je regelt het niet. Wel bouw je AOW op: het basispensioen van de overheid dat je krijgt vanaf de AOW-leeftijd.
Er zijn drie uitzonderingen en mogelijkheden die je moet kennen:
Een verplicht beroepspensioen. Voor bepaalde beroepen, zoals huisartsen, geldt een verplichte beroeps- of bedrijfstakpensioenregeling, ook als je zelfstandig werkt. Of dat voor jouw beroep geldt, vraag je na bij je beroepsvereniging. De premie die je daarvoor verplicht betaalt, trek je af als zakelijke kosten (Belastingdienst).
Vrijwillig bij een pensioenfonds. Sommige pensioenfondsen laten zelfstandigen uit hun branche vrijwillig meedoen. Dat is een proef die loopt tot 1 juli 2028, en alleen als het fonds die mogelijkheid biedt (Belastingdienst over de nieuwe pensioenregels).
Je oude regeling voortzetten. Kom je uit loondienst, dan kun je soms de pensioenregeling van je oude werkgever vrijwillig voortzetten, als die regeling dat toestaat. De premie daarvoor is tot 10 jaar na je ontslag aftrekbaar (Rijksoverheid over pensioen voor zzp’ers).
Voor alle andere zzp’ers is de lijfrente de manier om met belastingvoordeel voor later te sparen. Of je dat doet en hoeveel, is jouw keuze. Wil je weten wat in jouw situatie past, bel dan de BelastingTelefoon of je adviseur.
Wat is de jaarruimte?
De jaarruimte is het bedrag dat je in een jaar aan lijfrentepremie mag aftrekken. Het idee erachter: wie weinig pensioen opbouwt via een werkgever, heeft een pensioentekort en mag dat zelf aanvullen met belastingvoordeel. De jaarruimte van 2026 rekent met je situatie in 2025.
Zo reken je je jaarruimte 2026 uit
| Stap | Wat je doet | 2026 |
|---|---|---|
| 1 | Neem je inkomen uit werk van 2025, zoals je winst en je loon | tot hoogstens € 137.800 |
| 2 | Haal er de AOW-franchise af: het deel waarvoor de AOW al zorgt | min € 19.172 |
| 3 | Wat overblijft, is je premiegrondslag | hoogstens € 118.628 |
| 4 | Neem daar 30% van | 30% |
| 5 | Haal er 6,27 keer je factor A af | min 6,27 x factor A |
| 6 | Wat overblijft, is je jaarruimte | hoogstens € 35.589 |
Factor A is je pensioenaangroei van het vorige jaar: hoeveel pensioen je in 2025 via een werkgever of een pensioenfonds hebt opgebouwd. Je vindt hem op de opgaaf van je pensioenfonds. Werkte je in 2025 alleen als zzp’er zonder pensioenfonds, dan is je factor A 0.
De bedragen staan in het overzicht cijfers levensverzekeringen 2026. Welke inkomsten precies meetellen, rekent het Hulpmiddel lijfrentepremie van de Belastingdienst voor je uit. Gebruik dat voor je echte bedrag.
Rekenvoorbeeld: Jacob
Jacob Koertt is grafisch ontwerper met een eenmanszaak. In 2025 maakte hij € 50.000 winst. Hij had dat jaar geen baan en geen pensioenfonds, dus zijn factor A is 0.
| Stap | Bedrag |
|---|---|
| Inkomen uit werk 2025 | € 50.000 |
| min AOW-franchise | € 19.172 |
| Premiegrondslag | € 30.828 |
| Jaarruimte 2026 (30%) | € 9.248 |
Jacob mag in 2026 dus € 9.248 aan lijfrentepremie aftrekken. Had hij in 2025 nog een paar maanden in loondienst gewerkt met een factor A van 500, dan ging daar 6,27 x 500 = € 3.135 af en was zijn jaarruimte € 6.113.
Maakt Jacob in 2026 weer € 50.000 winst en legt hij de hele € 9.248 in, dan daalt zijn belastbaar inkomen van € 42.602 naar € 33.354. Hij betaalt dan € 3.373 minder inkomstenbelasting, en omdat zijn inkomen lager is, krijgt hij € 592 meer algemene heffingskorting. Samen scheelt dat zo’n € 3.965 in 2026. Over de uitkeringen later betaalt hij weer belasting.
Reserveringsruimte: inhalen wat je niet gebruikte
Gebruik je je jaarruimte in een jaar niet helemaal, dan verdwijnt het restant niet meteen. Het telt op tot je reserveringsruimte. In 2026 mag je de onbenutte jaarruimte van 2016 tot en met 2025 gebruiken, tot een maximum van € 42.753 (Belastingdienst over uitgaven voor inkomensvoorzieningen). Wat je langer dan tien jaar laat liggen, vervalt: de ruimte van 2016 vervalt in 2027.
Twee regels gelden voor de jaarruimte en de reserveringsruimte samen (Belastingdienst over aftrekken van lijfrentepremies):
- Je trekt een premie af in het jaar waarin je hem betaalt. Wil je hem in 2026 aftrekken, dan betaal je hem voor 31 december 2026.
- De ruimte geldt voor al je lijfrenteproducten samen. Heb je een verzekering en een rekening, dan tel je de premies bij elkaar op.
Lijfrente aftrekken: de voorwaarden
Een lijfrente kun je afsluiten als lijfrenteverzekering, lijfrenterekening of lijfrentebeleggingsrecht, bij een toegelaten instelling zoals een verzekeraar of een bank. De premie is alleen aftrekbaar als de lijfrente aan deze voorwaarden voldoet (Belastingdienst over lijfrente):
| Voorwaarde | Wat het betekent |
|---|---|
| Vaste uitkeringen | het geld komt later terug in vaste, gelijkmatige termijnen, niet in één keer |
| Uiterlijk ingaan | de eerste uitkering is uiterlijk op 31 december van het jaar nadat je 5 jaar ouder bent dan je AOW-leeftijd |
| Minimale duur | bij een verzekeraar tot je overlijden; bij een bank minimaal 20 jaar vanaf je AOW-leeftijd |
| Binnen je ruimte | je trekt niet meer af dan je jaarruimte en reserveringsruimte |
Je trekt de premie af in box 1, het deel van je aangifte inkomstenbelasting over inkomen uit werk en woning, als uitgave voor een inkomensvoorziening. Het is dus geen zakelijke kost van je eenmanszaak en verlaagt je winst niet. Zodra de uitkeringen ingaan, betaal je daar belasting over.
Had je in je eenmanszaak tot en met 2022 een fiscale oudedagsreserve opgebouwd, dan kun je die omzetten in een lijfrente. Hoe dat werkt, lees je bij fiscale oudedagsreserve en hoe je het boekt bij de oudedagsreserve afnemen. Stop je met je bedrijf, dan gelden hogere grenzen voor een lijfrente uit je stakingswinst; zie stoppen met je bedrijf.
Zo werkt het in jortt
Jortt rekent je jaarruimte niet uit, en je lijfrentepremie staat niet in het rapport Aangifte inkomstenbelasting: die vul je zelf in je aangifte in. Wat jortt wel doet:
- In de Winst-en-verliesrekening van 2025 zie je je winst, het startpunt van je jaarruimte 2026.
- Betaal je de premie van je zakelijke rekening, dan boek je de afschrijving op de balanscategorie Mijn privéopname / storting. Je winst verandert daardoor niet. De stappen staan bij betalingen voor pensioen of lijfrente boeken.
- Heb je nog een oudedagsreserve, dan staat die op de categorie Oudedagsreserve, en boek je daar de afname als je hem omzet in een lijfrente.
Betaal je de premie van je privérekening, dan raakt dat je bedrijf niet en boek je niets.
Ben je ook dga van een bv, lees dan pensioen opbouwen als zzp’er of dga.
Wat moet ik nu doen?
- Ga na of er voor jouw beroep een verplicht pensioenfonds is. Vraag het bij je beroepsvereniging.
- Reken je jaarruimte en reserveringsruimte uit met het Hulpmiddel lijfrentepremie. Pak daarvoor je winst van 2025 erbij uit de winst-en-verliesrekening in jortt.
- Kies of en bij wie je een lijfrente afsluit. Twijfel je wat bij jou past, bel dan de BelastingTelefoon of je adviseur.
- Betaal je premie voor 31 december en bewaar het jaaroverzicht van je verzekeraar of bank.
- Vul de betaalde premie in bij je aangifte inkomstenbelasting over 2026, bij de uitgaven voor inkomensvoorzieningen.
Veelgestelde vragen over jaarruimte en lijfrente
Heb je een vraag? Wij hebben de antwoorden!
Hoe bereken ik mijn jaarruimte voor 2026?
Neem je inkomen uit werk van 2025, tot hoogstens € 137.800, en haal er € 19.172 af. Dat is je premiegrondslag. Je jaarruimte is 30% daarvan, min 6,27 keer je factor A, met een maximum van € 35.589. Heb je geen pensioen via een werkgever, dan is je factor A 0. Met het Hulpmiddel lijfrentepremie van de Belastingdienst reken je het precies uit.
Wat is factor A en waar vind ik die?
Factor A is de pensioenaangroei van het vorige jaar: hoeveel pensioen je via een werkgever of een verplicht pensioenfonds hebt opgebouwd. Je vindt hem op de opgaaf van je pensioenfonds of pensioenverzekeraar. Werkte je in 2025 alleen als zzp'er zonder pensioenfonds, dan is je factor A 0 en houd je de hele 30% over als jaarruimte.
Is pensioen opbouwen verplicht voor een zzp'er?
Nee, voor de meeste zzp'ers niet. Je bouwt wel AOW op, maar een aanvullend pensioen regel je zelf, bijvoorbeeld met een lijfrente. Alleen voor bepaalde beroepen, zoals huisartsen, geldt een verplichte beroeps- of bedrijfstakpensioenregeling. Of dat voor jou geldt, vraag je na bij je beroepsvereniging.
Mag ik onbenutte jaarruimte van vorige jaren nog gebruiken?
Ja. Wat je in een jaar niet gebruikt, schuift door als reserveringsruimte. In 2026 mag je de onbenutte jaarruimte van 2016 tot en met 2025 gebruiken, tot een maximum van € 42.753. Onbenutte ruimte van 2016 vervalt in 2027. Je trekt de premie af in het jaar waarin je hem betaalt.
Is een lijfrentepremie een zakelijke kost van mijn eenmanszaak?
Nee. Een lijfrentepremie is privé. Je trekt hem af in je aangifte inkomstenbelasting als uitgave voor een inkomensvoorziening, niet in je winst. Betaal je hem van je zakelijke rekening, dan boek je hem in jortt als privéopname op de categorie Mijn privéopname / storting.