Wet DBA en schijnzelfstandigheid

De Wet DBA regelt sinds 1 mei 2016 hoe een opdrachtgever en een zzp’er beoordelen of iemand zelfstandig werkt of eigenlijk in loondienst. Werk je als zzp’er zoals een werknemer, dan heet dat schijnzelfstandigheid. Sinds 1 januari 2025 handhaaft de Belastingdienst daar weer op, vooral bij opdrachtgevers. In 2026 legt hij voor de verkeerde beoordeling geen verzuimboetes op en begint hij in de regel met een bedrijfsbezoek, maar vergrijpboetes bij opzet of grove schuld kunnen wel. Vanaf 1 januari 2027 vervalt ook dat laatste deel van de zachte landing.

Deze pagina legt uit wat de regels zijn. Jortt geeft geen advies over je eigen arbeidsrelatie; daarvoor kun je terecht bij de Belastingdienst of een adviseur.

Wat de Wet DBA regelt

De Wet DBA (Wet deregulering beoordeling arbeidsrelaties) geldt sinds 1 mei 2016. Ze verving de VAR, de verklaring arbeidsrelatie die een zzp’er vroeger zelf aanvroeg (Rijksoverheid).

Sinds de Wet DBA beoordelen opdrachtgever en opdrachtnemer samen of iemand zelfstandig werkt of in loondienst: als werknemer, met een werkgever die loonheffingen inhoudt. Loonheffingen zijn de loonbelasting en premies die een werkgever op het loon inhoudt en afdraagt. Werkt een zzp’er eigenlijk als werknemer, dan had de opdrachtgever die loonheffingen moeten betalen.

Schijnzelfstandigheid is precies dat: iemand werkt als zelfstandige, terwijl het volgens het arbeidsrecht een dienstverband is. De opdrachtgever betaalt dan minder belasting en premies, en de werkende mist de bescherming van een werknemer, zoals doorbetaling bij ziekte en een WW-uitkering (Belastingdienst).

Loondienst of zelfstandig: de drie kenmerken

De Belastingdienst noemt drie kenmerken van loondienst (Belastingdienst):

KenmerkWat het betekent
Gezagde opdrachtgever kan je opdragen hoe je je werk doet
Persoonlijke arbeidje moet het werk zelf doen
Loonje krijgt betaald voor je werk

Die drie zijn niet genoeg om te beslissen: alle feiten en omstandigheden tellen mee, ook of je werk en risico’s hebt als ondernemer buiten deze opdracht. Voor het gezag stelt de Belastingdienst deze vraag aan de opdrachtgever: bepaal jij hoe, wanneer, waar en met wie de opdrachtnemer werkt, en hoeveel uur? Is het antwoord op een of meer van die vragen ja, dan is dat een sterke aanwijzing voor loondienst.

Om het samen te beoordelen, kun je de Webmodule Beoordeling Arbeidsrelatie van het ministerie van SZW gebruiken, of een verzoek om vooroverleg bij de Belastingdienst indienen. Beide staan op wanneer is sprake van loondienst? Een vooroverleg geeft alleen zekerheid als de praktijk precies is zoals je hem beschrijft.

Of je ondernemer bent voor de inkomstenbelasting, is een eigen beoordeling. Zie ondernemer voor de inkomstenbelasting.

Handhaving sinds 1 januari 2025

Van eind 2016 tot 2025 gold een handhavingsmoratorium: de Belastingdienst legde in de regel geen naheffingen en boetes op voor schijnzelfstandigheid, alleen bij de ernstigste gevallen. Op 1 januari 2025 is dat opgeheven (Rijksoverheid). Sindsdien kan de Belastingdienst weer een naheffingsaanslag opleggen: een aanslag voor belasting die achteraf alsnog betaald moet worden.

Het Handhavingsplan arbeidsrelaties 2026 zegt wat er nu geldt (Belastingdienst):

JaarBoetesWerkwijze
2025geen verzuimboetes en geen vergrijpboetesnaheffingen mogelijk, met een zachte landing
2026geen verzuimboetes; wel vergrijpboetes bij opzet of grove schuldin de regel eerst een bedrijfsbezoek
vanaf 2027de normale regelsde rest van de zachte landing vervalt

Een verzuimboete krijg je als je iets te laat of niet doet. Een vergrijpboete krijg je als je opzettelijk of met grove schuld te weinig belasting betaalt. Welke boetes er verder bestaan, lees je bij aangifte te laat en boetes. De zachte landing is de overgang waarin de Belastingdienst eerst waarschuwt en helpt, en nog geen boetes geeft.

De Belastingdienst gaat bij een correctie niet verder terug dan 1 januari 2025, tenzij iemand kwaadwillend is of al eerder een aanwijzing kreeg. Vanaf 2030 kan hij weer tot 5 jaar terug.

De controle richt zich vooral op de loonheffingen bij opdrachtgevers. Wordt een zzp’er bij de controle betrokken, dan kijkt de Belastingdienst vooral naar de laatste aangifte inkomstenbelasting en de laatste btw-aangiften.

Modelovereenkomsten

Een modelovereenkomst is een voorbeeldcontract dat de Belastingdienst heeft beoordeeld. Werk je echt zoals erin staat, dan geeft het zekerheid dat er geen loondienst is.

Sinds 6 september 2024 beoordeelt de Belastingdienst geen nieuwe modelovereenkomsten meer. Bestaande goedgekeurde modelovereenkomsten mag je gebruiken tot en met 31 december 2029, ook als er in de overeenkomst een andere einddatum staat (Belastingdienst).

Belastingdienst
De Belastingdienst schrijft dat modelovereenkomsten “voor schijnzekerheid” kunnen zorgen: in de praktijk wordt vaak anders gewerkt dan in de overeenkomst staat. Een modelovereenkomst beschermt je dus alleen als je ook echt zo werkt.

Wat het betekent voor jou als zzp’er

Blijkt achteraf dat je eigenlijk in loondienst werkte, dan heeft dat deze gevolgen (Belastingdienst):

WatGevolg
Inkomstenbelastingje had geen zelfstandigenaftrek, investeringsaftrek en mkb-winstvrijstelling mogen gebruiken, en hebt dus te weinig betaald
Loonheffingenje opdrachtgever betaalt ze alsnog en kan de loonbelasting en premie volksverzekeringen van je terugvragen; heb je over dat jaar al een definitieve aanslag, dan doet hij dat meestal niet
Bijdrage Zvwdie hoef je niet aan je opdrachtgever terug te betalen; je kunt de Belastingdienst om teruggaaf vragen
Werknemersverzekeringenbetaalt je opdrachtgever; hij mag je wel om 50% van de premie Werkhervattingskas vragen
Belastingrenteje opdrachtgever kan je vragen die terug te betalen

Een definitieve aanslag is de laatste brief over je inkomstenbelasting van een jaar, na je aangifte.

Een nieuwe wet: rechtsvermoeden bij minder dan € 38 per uur

Het parlement heeft een wet aangenomen die een rechtsvermoeden van werknemerschap invoert. Verdien je als zzp’er minder dan € 38 per uur (bedrag van 1 januari 2026), dan kun je stellen dat je eigenlijk werknemer bent. Je opdrachtgever moet dan bewijzen dat er geen arbeidsovereenkomst is. De Eerste Kamer nam de wet aan op 16 juni 2026. Wanneer hij ingaat, bepaalt de regering later bij koninklijk besluit; op 26 oktober 2026 stond die datum nog niet vast (Eerste Kamer). Het andere deel van het oorspronkelijke voorstel, dat de regels voor gezag zou verduidelijken, is geschrapt. Zodra de ingangsdatum bekend is, werken we deze pagina bij.

Zo helpt jortt

Jortt beoordeelt je arbeidsrelatie niet. Wel heb je in jortt de gegevens bij de hand die bij de criteria horen:

  1. Het rapport Omzet per klant laat zien hoeveel van je omzet van één opdrachtgever komt.
  2. Met de urenregistratie leg je per project vast voor wie je werkt en hoeveel uur.
  3. Je facturen, je kosten en je investeringen staan in je boekhouding, ook als iemand om bewijs vraagt.

Wat moet ik nu doen?

  1. Lees de drie kenmerken en kijk hoe je in de praktijk voor je opdrachtgevers werkt.
  2. Werk je met een modelovereenkomst, controleer dan of je ook echt werkt zoals erin staat.
  3. Bespreek twijfel met je opdrachtgever; jullie beoordelen de arbeidsrelatie samen. Gebruik de hulpmiddelen op wanneer is sprake van loondienst?
  4. Doe de OndernemersCheck voor je inkomstenbelasting.

Veelgestelde vragen over de Wet DBA en schijnzelfstandigheid

Heb je een vraag? Wij hebben de antwoorden!

Schijnzelfstandigheid betekent dat iemand als zelfstandige werkt, terwijl het volgens het arbeidsrecht eigenlijk een dienstverband is. De opdrachtgever had dan als werkgever loonheffingen moeten inhouden en betalen. De werkende mist de bescherming van een werknemer, zoals doorbetaling bij ziekte en een WW-uitkering.

Voor de verkeerde beoordeling van een arbeidsrelatie legt de Belastingdienst in 2026 geen verzuimboetes op, en hij begint in de regel met een bedrijfsbezoek. Vergrijpboetes kunnen sinds 2026 wel, bij opzet of grove schuld. Over 2025 legt de Belastingdienst geen boetes op. Vanaf 1 januari 2027 gelden de normale regels.

Ja, een goedgekeurde modelovereenkomst die op 6 september 2024 geldig was, mag je gebruiken tot en met 31 december 2029. Sinds 6 september 2024 keurt de Belastingdienst geen nieuwe meer goed. Een modelovereenkomst geeft alleen zekerheid als jij en je opdrachtgever echt werken zoals erin staat.

Opdrachtgever en opdrachtnemer beoordelen de arbeidsrelatie samen. De Belastingdienst richt zijn controle vooral op de loonheffingen bij opdrachtgevers. Blijkt achteraf dat je in loondienst werkte, dan moet je opdrachtgever de loonheffingen alsnog betalen en kan hij de ingehouden loonbelasting en premie volksverzekeringen van je terugvragen. Je hebt dan ook ten onrechte zelfstandigenaftrek en mkb-winstvrijstelling gehad.

Een nieuwe wet bepaalt dat een zzp'er die minder dan € 38 per uur verdient, kan stellen dat hij eigenlijk werknemer is. De opdrachtgever moet dan bewijzen dat er geen arbeidsovereenkomst is. De Eerste Kamer nam de wet op 16 juni 2026 aan. Op 26 oktober 2026 stond nog niet vast wanneer hij ingaat; dat bepaalt de regering bij koninklijk besluit.